Meer nummers van Magda Umer
Beschrijving
Componist: Janusz Strobel
Tekstschrijver: Jan Wolek
Songtekst en vertaling
Origineel
Już było jakoś to będzie.
Już było życie przed nami. A pędzi się wciąż w obłędzie.
Bo czuje się w słowach dynamit.
Kiedy z pamięci wyszperam ten frazes ukochany.
Pamiętaj, tak młodo jak teraz już nigdy się nie -spotkamy.
-Pamiętaj, tak młodo jak teraz już nigdy się nie spotkamy.
I jakoś nie były pisane.
Gdy świat drogą toczył się krętą. Kanapy i domy z parkanem.
Bo brzmiało mi wciąż jak memento. Po co się z życiem użerasz?
Łbem waląc w kolejne ściany.
Przecież tak młodo jak teraz już nigdy się nie spotkamy.
Przecież tak młodo jak teraz już nigdy się nie spotkamy.
I każdy już sięgnął po swoje.
A my wciąż ławka, oślep.
Przez lata jak przez wyboje przetoczył się nasz jednoślad.
Ja milczę, a ty nie gderasz i mam swój bandaż na rany. To moje.
Tak młodo jak -teraz już nigdy się nie spotkamy. -To moje.
Tak młodo jak teraz już nigdy się nie spotkamy.
Aż kiedyś mi powiesz na mecie, u schyłku siwiutkiej zimy.
Nie tankuj do pełna, bo przecież już tego nie wyjeździmy.
Wtedy w pamięci wyszperam z uśmiechem od ściany do ściany. To głupie.
Tak młodo jak teraz już nigdy się nie spotkamy.
To głupie.
Tak młodo jak teraz już nigdy się nie -spotkamy. -To moje.
Tak młodo jak teraz już nigdy się nie spotkamy.
To nasze.
Tak młodo jak teraz już nigdy się nie spotkamy.
Nederlandse vertaling
Het is al gebeurd en het zal op de een of andere manier gebeuren.
Er was al leven voor ons. En hij rijdt nog steeds rond in waanzin.
Omdat de woorden aanvoelen als dynamiet.
Als ik deze zin uit mijn geheugen vind, mijn geliefden.
Bedenk dat we elkaar, hoe jong we nu ook zijn, nooit meer zullen ontmoeten.
-Onthoud dat we elkaar, hoe jong we nu ook zijn, nooit meer zullen ontmoeten.
En op de een of andere manier zijn ze niet geschreven.
Toen de wereld een kronkelige weg was. Banken en huizen met hekken.
Omdat het voor mij nog steeds als een aandenken klonk. Waarom worstel je met het leven?
Ik bleef met mijn hoofd tegen de muren bonken.
We zullen elkaar immers nooit zo jong ontmoeten als nu.
We zullen elkaar immers nooit zo jong ontmoeten als nu.
En iedereen heeft zijn eigen hand al bereikt.
En we zitten nog steeds blindelings op de bank.
Door de jaren heen is onze fiets door hobbels gerold.
Ik zwijg, jij moppert niet en ik heb mijn eigen verband voor mijn wonden. Het is de mijne.
Zo jong als nu zullen we elkaar nooit meer ontmoeten. -Het is van mij.
We zullen elkaar nooit meer zo jong ontmoeten als we nu zijn.
Tot je het me op een dag vertelt aan de finish, aan het einde van de grijze winter.
Vul de tank niet, want dan komen we er niet meer uit.
Dan zal ik met een glimlach van muur tot muur mijn geheugen doorzoeken. Dit is dom.
We zullen elkaar nooit meer zo jong ontmoeten als we nu zijn.
Dit is dom.
We zullen elkaar nooit meer zo jong ontmoeten als nu. -Het is van mij.
We zullen elkaar nooit meer zo jong ontmoeten als we nu zijn.
Het is van ons.
We zullen elkaar nooit meer zo jong ontmoeten als we nu zijn.