Meer nummers van Latrelle
Meer nummers van Fritu
Meer nummers van Nerissima Serpe
Beschrijving
Bijbehorende uitvoerder: Latrelle, Fritu feat. Nerissima Serpe
Bijbehorende artiest: Latrelle
Bijbehorende artiest, producent: Fritu
Bijbehorende artiest: Nerissima Serpe
Componist: Federico Masia
Tekstschrijver: Umberto Rattini
Tekstschrijver: Matteo Di Falco
Componist: Antonio Sassone
Songtekst en vertaling
Origineel
Lascia fiuto ma sciò. Vieni con me a vivere con il cuore alla gola come l'acqua.
Vieni ad insegnarmi un'altra volta un respiro come si fa.
E non basta la luce come l'aria perché siamo nebbia.
E non basta fumare come fosse aria.
E non basta gridare se ogni cazzo di parola vola.
Se a volte siamo nebbia, a volte siamo neve, a volte siamo pioggia che fulmina la corrente.
E siamo un po' smarriti nei pensieri, malinconici per sempre come gli orfani a dicembre.
Gli organi mi fanno male, sarà che mi scasso troppo, sarà che sento una scimitarra nello stomaco e vedo sangue a flussi come un film di Quentin Tarantino.
E questa città sporca forse gli son iguale.
Cercando l'assassino mi sono imbattuto in lei.
Occhi nero petrolio che sembrano quasi neri, sono bottoni giganti, taglienti, pianti costanti, che se le tocco il viso rischio di tagliarmi le mani.
Ora sono solo in strada, mi ripeto calma, ma niente mi passa, niente mi rilassa, ogni parola vola, niente che rimanga dentro il mio quadro dove fumare non mi basta.
Ora fumare non basta, urlare non ci basta, insieme facciam chiasso a casa come in strada.
Sono ancora in piazza, in giro da me si sa, e anche quando si fa notte resto sopra quella panca. Vuoi restare con me? Fumiamo ganja.
Vieni con me a vivere di pancia. Vieni e guardiamo la vita in faccia.
Vieni con me a vivere con il cuore alla gola come l'acqua.
Vieni ad insegnarmi un'altra volta un respiro come si fa.
E non basta la luce come l'aria perché siamo nebbia.
E non basta fumare come fosse aria.
E non basta gridare se ogni cazzo di parola vola. Un respiro come si fa.
Perché siamo nebbia.
Nederlandse vertaling
Laat je neus maar duwen. Kom met mij mee om te leven met je hart als water in je keel.
Kom mij nog een keer leren hoe ik moet ademen.
En licht als lucht is niet genoeg omdat we mist zijn.
En het is niet genoeg om te roken als lucht.
En het is niet genoeg om te schreeuwen als elk verdomd woord vliegt.
Soms zijn we mist, soms zijn we sneeuw, soms zijn we regen die op de stroming slaat.
En we zijn een beetje in gedachten verzonken, voor altijd melancholisch als weeskinderen in december.
Mijn organen doen pijn, misschien komt het omdat ik mezelf te veel breek, misschien omdat ik een kromzwaard in mijn maag voel en ik bloed in stromen zie zoals in een film van Quentin Tarantino.
En deze vuile stad, misschien ben ik net zoals hij.
Tijdens het zoeken naar de moordenaar kwam ik haar tegen.
Benzinezwarte ogen die bijna zwart lijken, het zijn gigantische knoppen, scherp, constant huilend, dat als ik haar gezicht aanraak, ik het risico loop mijn handen te snijden.
Nu ben ik alleen op straat, herhaal ik kalm tegen mezelf, maar niets gaat me voorbij, niets ontspant me, elk woord vliegt, niets dat binnen mijn raamwerk blijft waar roken niet genoeg voor me is.
Nu is roken niet genoeg, schreeuwen is voor ons niet genoeg, laten we samen thuis en op straat lawaai maken.
Ik ben nog steeds op het plein, hier in de buurt, weet je, en zelfs als het donker wordt, blijf ik op dat bankje. Wil je bij mij blijven? Wij roken ganja.
Kom met mij mee om op je buik te leven. Kom en laten we het leven in de ogen kijken.
Kom met mij mee om te leven met je hart als water in je keel.
Kom mij nog een keer leren hoe ik moet ademen.
En licht als lucht is niet genoeg omdat we mist zijn.
En het is niet genoeg om te roken als lucht.
En het is niet genoeg om te schreeuwen als elk verdomd woord vliegt. Even ademhalen hoe het moet.
Omdat we mist zijn.